Volgens Professor Charlie Bamforth die
de leerstoel van de Anheuser Busch Foundation voor Brewing Science
aan de Universiteit van Californië bezet is bierbrouwen de
oudste biotechnologie die de mensheid kent. Zijn stelling is dat bier
(het brouwen en drinken van bier) aan de wortels van onze beschaving
ligt. Voordat er bier was zwierf de mensheid maar een beetje rond en
achter de geiten aan. Toen realiseerden ze zich dat er met granen als
gerst wat meer te doen was dan alleen brood maken, en dat er als gevolg van bepaalde processen en toevoeging van water een drankje van gemaakt kon
worden. Die drank bleek een prettig, warm en gezellig gevoel op te kunnen wekken. Dus
bleven ze waar het graan groeide en het bier gebrouwen werd, het
begin van de urbanisatie en de beschaving, de dorpjes en de stadjes. De stadjes werden
steden, de specialisten, de creatieven en de talenten bleven en de kroegen ontstonden. In de
kroegen werd onder het genot van talloze kruiken bier het brainstormen een
populair tijdverdijf en er zo ontstonden er nieuwe ideeën en
technologieën.

Bramforth gaat zelfs zover te beweren dat er
zonder bier geen computers, Internet, iPods en Ruimtevaart zou zijn.
Ongetwijfeld heeft bier een belangrijke ontwikkeling in de
technologische evolutie gespeeld, al was het alleen maar omdat je van
het water in de steden (zonder riolering en met geen adequate
drinkwater voorziening) in die tijd een grote kans had doodziek te
worden. “Beter een kater dan doodziek van water!” was het credo
van de bierjongens in de oudheid.

Bramforth neemt er nog eentje door te
beweren dat 'de weg van het bier' kan leiden tot de volgende
doorbraak in de evolutie van de mensheid en besluit met de
optimistische 'Proost': "He who drinks beer sleeps well. He who
sleeps well cannot sin. He who does not sin goes to heaven. The logic
is impeccable."